Nieuwe loonbedragen voor 2015

De bedragen van de bezoldigingen voorzien door de wet op de arbeidsovereenkomsten van 3/07/1978 worden op 1 januari van elk jaar geïndexeerd. Voor het jaar 2015 betekent dit dat de bedragen van 32.886 € en €65.771 tot respectievelijk €33.203 en 66.406 euro opgetrokken worden[1].

Deze bedragen beïnvloeden de geldigheid van een concurrentiebeding, een scholingsbeding en een scheidsrechterlijk beding.

Concurrentiebeding (art. 65, 86 en 104)

Het concurrentiebeding wordt als niet-bestaande beschouwd in de arbeidsovereenkomsten voor bedienden en arbeiders waarin het brutojaarloon €33.203 niet overschrijdt.

Wanneer het brutojaarloon tussen €33.203 en €66.406 ligt, mag het beding enkel toegepast worden op de categorieën van functies of functies die door een in paritair comité of subcomité gesloten CAO bepaald zijn.

Wanneer het brutojaarloon €66.406 overschrijdt, kan het concurrentiebeding rechtsgeldig in de arbeidsovereenkomst voor bedienden en arbeiders ingeschreven worden, behalve voor de functies die bij een in paritair comité of subcomité gesloten CAO uitgesloten zijn.

Voor de handelsvertegenwoordigers wordt het concurrentiebeding eveneens als niet-bestaande beschouwd wanneer het brutojaarloon €33.203 niet overschrijdt. In de overeenkomsten waar het brutojaarloon dit bedrag overschrijdt, is de geldigheid van elk concurrentiebeding aan een drievoudige voorwaarde onderworpen: betrekking hebben op gelijkaardige activiteiten, 12 maanden niet overschrijden en zich beperken tot het gebied waarin de handelsvertegenwoordiger zijn activiteiten uitoefent.

Scheidsrechterlijk beding (art. 69)

De werknemers en hun werkgevers mogen zich er niet vooraf toe verbinden geschillen die uit de overeenkomst kunnen ontstaan, aan scheidsrechters voor te leggen. Dit verbod is echter niet van toepassing op de bediende van wie het brutojaarloon hoger dan €66.406 ligt en die met het dagelijks beheer van de onderneming belast is of in een afdeling of bedrijfseenheid van de onderneming beheersverantwoordelijkheid draagt die met die voor de hele onderneming vergeleken kan worden.

Scholingsbeding (art. 22bis)

Het scholingsbeding wordt als onbestaande beschouwd wanneer het brutojaarloon van de werknemer €33.203 niet overschrijdt. Het is geldig als het brutojaarloon hoger ligt dan €33.203 en ook de andere voorwaarden die door de wet worden opgelegd, vervuld zijn.

[1] Bericht van de FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, Belgisch Staatsblad van 8 december 2014.
Securex Sociaal Secretariaat – Legal 17/12/2014